Showing posts with label Top 20 freejazz albums aller tijden. Show all posts
Showing posts with label Top 20 freejazz albums aller tijden. Show all posts

Monday, July 16, 2007

Carla Bley & Paul Haines - Escalator Over The Hill (JCOA, 1971) *****

Weinig CD's hebben een zo uniek profiel als dit album van Carla Bley, en hoe je de muziek moet omschrijven is me een raadsel : een freejazz fusion wereldmuziek avant-garde opera lijkt nog de beste omschrijving, je krijgt het immers allemaal te horen, magistraal, bombastisch, walsend, hoempa-end, krijsend, rockend, spookachtig, enerverend, krankzinnig, paardenmolend, absurd, jammerend, huilend, dreigend, opzwepend, verpletterend, filmisch, ontwrichtend, smartlappend, chaotisch, ....

Neem een orkest met de toenmalige absolute crème-de-la-crème van de moderne jazz : Don Cherry, Gato Barbieri, Roswell Rudd, Karl Berger, Sam Brown, Charlie Haden, Paul Motian, Enrico Rava, Perry Robinson, Michael Mantler, Leroy Jenkins, Ron McClure, Jimmy Lyons, Carla Bley zelf uiteraard, en voeg daar nog een tiental bijkomende blazers bij. Voeg daar wat nieuwe vedetten uit de rock-muziek aan toe, met onder andere Linda Ronstadt op vocals, Jack Bruce (van Cream) op zang en bas, Don Preston (Mothers of Invention) op Moog synth, en natuurlijk John McLaughlin op gitaar, en nog enkele andere zangeressen zoals Jeanne Lee en Sheila Jordan.

Neem een theater-auteur die de meest waanzinnige en absurde teksten neerpent die in opera-stijl, rock-'n'-roll stijl, in musicalstijl, roepend, of zelfs gewoon worden gezongen of gesproken, alleen of in koor, begeleid of niet : en die vol ernst zinnen zingen als :

"It's in the lobby
of Cecil Clark's
that people raised
for one thing
like cows
for milk
and chickens
for legs
vote for something
weak
and to the point
riding the escalator
over the hill

vote for something
weak
and to the point"

... en Carla Bley maakte van dit alles iets muzikaals unieks.

Dus - benader deze muziek zonder enige vooringenomenheid, laat jezelf meeleiden in een verhaal zoals je er nog nooit één hoorde, vergeet je andere muzikale noties en verwachtingen, verlaat de veilige haven van je kennis en vaste patronen, en .... neem die verdomde roltrap.

(... en vraag me niet waar het over gaat!)

"Stop refusing to explain
Give up explaining"

For the English version, click HERE

Wednesday, July 11, 2007

8 Bold Souls - Sideshow (Arabesque, 1992) *****

Uit het lijstje van de jazz-albums die ik fenomenaal vind, breng ik af en toe een recensie.

8 Bold Souls is de band van Ed Wilkerson, die gekenmerkt is voor de diepe klank van zijn blazerssectie en de boeiende kruising tussen sterk georchestreerde en gestructureerde stukken en de zeer vrije improvisaties. De emotionele en muzikale kracht van dit 8-koppig ensemble is relatief uniek en ook vrij herkenbaar. De band bestaat uit Ed Wilkerson Jr - tenor, alto en bas saxofoon, clarinet en alto clarinet; Mwata Bowden - clarinet, bariton, en tenor; Robert Griffin - trumpet and flugelhorn; Isaiah Jackson - trombone; Aaron Dodd - tuba; Naomi Millender - cello; Harrison Bankhead - bas en Dushun Mosley - drums en percussion. Luister naar het begin van "Black Herman" hier onderaan en je zal meteen een idee hebben van wat deze blazers kunnen oproepen aan donkere dreiging, met een economische baslijn en dito drums, na vijf minuten onderbroken door krachtige hoge toonstoten, een tempowisseling en dan slaat de swing in de pan, met knap solowerk van alle blazers, maar ook van cello en bas. Dit album brengt ook één van de beste versies van Ornette Colemans "Lonely Woman", beginnend met een lang, snijdend, hartverscheurend duo van cello en bas dat de absolute droefheid van verpletterende eenzaamheid prachtig uitdrukt, dan nog geaccentueerd door het invallen van de blazers. Alleen dit nummer al maakt de aanschaf van deze CD een must. Niet vernieuwend, wel een prachtige synthese van big band, freejazz en bop. Creatief met knappe expressiviteit.

Luister naar sound samples (hoewel te kort voor deze lange nummers)

Black Herman
Glass Breakers
Lonely Woman
Sideshow
Light On The Path

For the English version, click HERE

Monday, July 2, 2007

Spaceways Inc. - Version Sould (Atavistic, 2002) *****

Wie deze CD oplegt en NIET meteen aan het dansen slaat, heeft waarschijnlijk ijskoud bloed door zijn aderen lopen. Spaceways Inc. is één van de vele bands van Ken Vandermark, ditmaal op bariton sax, met Nate McBride op bas en Hamid Drake op drums. Deze CD verenigt de muziek van Sun Ra met die van Funkadelic, en die mix wordt gebracht met laaiend enthousiasme én respect. Hou je van ritmes, leg deze CD op. Hou je van het betere samenspel? Deze CD is je ding. Hou je van improvisatie rond een vast thema? Zoek niet verder. Hou je van muziek met een ziel? Luister dan hier eens naar. Hou je van emotionele uitdrukkingskracht? Hou je van zuivere schoonheid? Hou je van muziek die ruimte laat? Zo zou ik nog kunnen doorgaan. Ik ken weinige stukken muziek waarin ritmisch plezier en samenspel tot een dergelijk hoog niveau zijn verheven. En de kracht ervan, ook van de funk en de reggae die je hier terugvindt, is wat er niet gespeeld wordt. De drumslag die niet wordt gegeven, de fractie van de seconde waar de muziek stopt en dan weer op gang komt. Drake, McBride én Vandermark hebben op deze CD hun echte biotoop gevonden. Al van bij de eerste noten van het eerste nummer "Back Of A Cab", hoor je dat hier speciale dingen te gebeuren staan : de pompende elektrische bas van McBride, het economisch maar zo raak drumspel van Drake, en de diepe zachte tonen van de bariton die plots invalt, niets schreeuwerigs maar de diepste blues uit het instrument halend. En dit lijkt allemaal zo verdomd simpel, maar er zijn er weinigen die de complexiteit van deze muziek aankunnen, alleen hoor je die niet. Je hoort enkel die verdomd goede muziek. Minder is meer, en hoeveel meer. Je hebt het hier allemaal. Rustige nummers ("Reasonable Hour"), vettige funkers ("Size Large"), ingetogen free jazz ("Rothko Sideways"), het hardere free werk ("Force At A Distance"). Minder is meer, en hoeveel meer!


For the English version, click HERE

Monday, March 5, 2007

Charlie Haden - The Liberation Music Orchestra (Impulse, 1969) en The Ballad Of The Fallen (ECM, 1982) *****



Dit zijn de eerste twee CD's van het Liberation Music Orchestra van Charlie Haden, een band die hij met wisselende bezetting zo eens om de tien jaar op CD zet (1969 "Liberation Music Orchestra", 1982 "The Ballad Of The Fallen", 1990 "Dream Keeper", 1999 "The Montreal Tapes", 2005 "Not In Our Name"). De muziek in deze reeks brengt een combinatie van traditionele Centraal-Amerikaanse (mars)muziek, big band en freejazz. De toon is beschrijvend en bevrijdend tegelijkertijd : de muziek probeert de strijd en het lijden weer te geven van de onderdrukte massa's, maar wil tegelijkertijd bevrijdend zijn door barrières en verbodsbepalingen te doorbreken (ook een muzikale revolutie). Je hoort in de muziek de legers optrekken, de moeders huilen, de leiders toespraken houden, de gewonden kreunen na de veldslag, de helden bejubeld worden. Een band met jazz iconen als Haden zelf, Don Cherry, Carla Bley, Jim Pepper, Mick Goodrick, Dewey Redman, Paul Motian, Michael Mantler een triomfalistisch revolutielied horen spelen met als titel "The People United Will Never Be Defeated", klinkend als de fanfare van het dorp, is uniek, en dat wordt het nog meer als het gevolgd wordt door Hadens mooie, serene "Silence", met de big band traag unisono, de gillende trompet van Cherry er bovenuit, en dan verstillend in een duo van piano en bas in "Too Late". Sentimenteel? Zeker, voor 100%, maar zonder dat het (al te) stroperig of zeemzoet wordt. Vandaar dat het antidotum van de improvisaties zo goed werkt. Dit is een clash van twee muziekstijlen die in wezen niets met elkaar te maken hebben, zelfs elkaar tegengestelde zijn. Dat contrast is het sterkst op het eerste album, dat de chaos en de wanhoop iets meer beklemtoonde. Beide CD's hebben een "suite-structuur", met in elkaar geschoven thema's en veranderende bezettingen in hetzelfde nummer, naadloos overgaand van freejazz geschetter over Spaanse gitaar naar een bassolo tot fanfaremuziek. Memorabele composities van de eerste CD zijn Hadens prachtige "Song For Ché" en Ornette Colemans "War Orphans". Op "The Ballad Of The Fallen" is het geheel meer in toom gehouden, iets strakker in de composities, en het verschil met de latere CD's is dat het niet helemaal verglijdt naar programmatisch politiek sentimentalisme zoals op "Not In Our Name". En op beide CD's neemt Haden zelf de ruimte om zijn improvisatorisch genie op de bas te tonen, een combinatie van techniek, esthetische schoonheid en emotionele uitdrukkingskracht. Niet te missen.


For the English version, click HERE

Sunday, February 25, 2007

Keith Jarrett - The Survivors' Suite (ECM 1977) *****

Dit is een geniaal stukje muziek. Ook na honderden keren beluisteren blijft The Survivors' Suite boeien. Traag beginnend als wereldmuziekachtige basfluit met een licht plukkende bas van Charlie Haden, die overgaan in een hypnotisch repetitief ritme, de fluit blijft bezwerend op de achtergrond, maar dan spelen de beide saxen (Dewey Redman én Jarrett zelf) de basismelodie - absoluut magistraal hoe met zo weinig noten een dergelijke sfeer van ruimte, van open hemel, van uitgestrekte vlakten, opgeroepen wordt, en pas na ongeveer negen minuten gaat Jarrett voor zijn klavier zitten, nu met volle kracht het thema herhalend, terwijl bas en drum iets krachtiger hetzelfde blijven spelen. Dit is geen jazz in de traditionele betekenis van het woord, dit is muziek op zich, met "bewegingen" zoals in een klassieke symfonie. Dan komt er stukje pianosolo, naadloos voortvloeiend op het thema, aarzelend klaterend. Paul Motian toont op dit stuk ook zijn ware kunnen : accenten leggen zonder een vast ritme te spelen, of dat ritme impliciet aan te geven. Ook Charlie Haden krijgt een stukje soloruimte, met Motian die met vibrafoon of klokkenspel licht ondersteunt. Het lyrisch improvisatorisch talent van Haden is hier prachtig op zijn plaats. Hij bouwt in dat solo spanning op door notenreeksen te herhalen en dan de diepste tonen uit zijn bas te halen. Redman vliegt er met zijn sax als een vogel bovenuit, en als Jarrett een pianostuk begint, blijft Redman zacht, zeer zacht op de achtergrond verder blazen. Jarrett haalt hier één van zijn mooiste melodieën boven, met alle romantiek en gevoeligheid die hem eigen zijn, subliem.

"Conclusion", het tweede deel begint intens chaotisch, voor een minuut of vijf, met Redman krijsend, Motian meppend, Jarrett rommelend, om dan op een bijna uptempo latin ritme verder te gaan, met Haden op arco, de intensiteit blijft voor een lange groepsimprovisatie om dan weer weg te vallen naar de beginmelodie, met de hoge basfluittonen, de zingende, huilende sax, de plukkende bas. De solo sax evolueert terug naar de dreigende chaostonen van het begin om dan als een bloem open te barsten in een bevrijdende open melodie, met langgerekte tonen en een speelse piano. Het eindigt dan weer zacht met fluit en bas, wegebbend... Absoluut magistraal.


"And those that create out of the holocaust of their own inheritance anything more than a convenient self-made tomb shall be known as "Survivors".



For the English version, click HERE

Sunday, February 11, 2007

John Surman & Jack DeJohnette - Invisible Nature (ECM 2002) *****


John Surman en Jack DeJohnette behoeven geen lange inleiding. De Britse saxofonist heeft ondertussen zijn eigen geluid gecreëerd, samen met een herkenbaar melodisch handelsmerk, mar toch moeilijk om na te bootsen. De drummer is ook uniek : een ritmische gigant en een perfectionist van de geluidsweergave van zijn drumstel. Wat deze twee virtuosen brengen op "Invisible Nature" is absoluut uniek : live opgenomen in Tampere (Finland) en Berlijn (Duitsland), is dit album een plezier van begin tot eind, zonder enig zwak moment. Het meest verrassende is dat alle nummers, met uitzondering van één, ter plekke zijn geïmproviseerd. De muziek integreert vele stijlen, blues, Indische muziek, klassieke muziek, ... en jazz natuurlijk. Het gebruik van elektronica brengt klankvariatie in het album, maar de improvisaties zijn dusdanig sterk om ook zonder ondersteuning overeind te blijven staan en zelf een breed palet aan klankvariatie te brengen. Sterk aanbevolen.



For the English version, click HERE

Friday, January 5, 2007

Other Dimensions In Music


Other Dimensions In Music is een unieke band. Met Roy Campbell op trompet en blokfluit, Daniel Carter op sax en trompet, William Parker op bas en Rashid Bakr op drums. De eerste CD die ik van hen kocht was "Time is of the Essence, The Essence is of Time", met bijkomend Matthew Shipp op piano, en die door All Music Guide de hemel werd ingeprezen. Die CD vond ik toen, en nu nog altijd, niet te beluisteren. Dus dacht ik : al de rest zal ook wel meer van hetzelfde zijn. Vorige zomer kreeg ik echter het boek "New York is Now : the new wave in free jazz" van Phill Freeman cadeau (dank u, Tom!). Daarin werd Other Dimensions in Music de hemel ingeprezen, maar werd "Time is of the Essence ..." als zeer slecht bestempeld. En inderdaad, nu heb ik hun twee andere CD's en die zijn absoluut fantastisch. Van het mooiste dat freejazz te bieden heeft.


Moraal van het verhaal : geloof critici nooit en oordeel zelf! (en zorg ervoor dat je af en toe een cadeau krijgt)


Vraag van het verhaal : maar moeten we dan echt alles eerst kopen voor we weten of het goed is?

(ik denk dat ik nu tijdelijk wat over Roy Campbell ga zwijgen)

Thursday, January 4, 2007

Roy Campbell - Communion


Trompet trio's zijn redelijk zeldzaam (trompet/bas/percussie). Tomasz Stanko heeft er één (Bluish), Don Cherry heeft er twee (Blue Lake en op Charlie Haden's The Montreal Tapes) het Chicago Underground Trio heeft er één (Slon), maar dat is het zowat denk ik. Voorts zijn het variaties, met gitaar (Chet Baker), elektronica (Arve Henriksen), marimba (Schaphorst) maar dus altijd met een harmonische begeleiding. Wie er nog kent, mag me die altijd doorgeven. Anderzijds zijn er tientallen en tientallen sax trio's. Waarom dat zo is, is me niet meteen duidelijk. Zijn er meer saxofonisten dan trompetisten? Is de "range" van een sax groter om een ganse CD te blijven boeien? Wat het ook moge zijn, Roy Campbell heeft drie CD's met trompet trio : Ancestral Homeland, Ethnic Stew & Brew and Communion. William Parker speelt bas op de drie, de drummer is respectievelijk Zen Matsuura, Hamid Drake en Reggie Nicholson. De drie CD's zijn aanraders. Communion biedt in mijn ogen iets meer variatie in het spel dan de andere twee. Campbell is een technisch zeer sterk trompetist, maar zijn muzikale ruimte is nog een stuk groter. Stevig gebaseerd in de blues, met openheid naar muziek uit andere continenten. Echte free jazz dus, met open oren. Ondanks - of dankzij - de beperkte bezetting, krijgen de andere muzikanten veel kans om te soleren en ook hun muzikale inbreng te geven. Alles is er mogelijk : de openheid en ademruimte die wordt gecreëerd, wordt door het trio perfect ingevuld : meeslepend, gevoelig, meditatief, boeiend.

Wednesday, January 3, 2007

Julius Hemphill - Dogon A.D.


Van bij de allereerste noten van dit album, weet je dat er iets speciaals aan de gang is. De cello van Abdul Wadud geeft een repetitief thema aan, ondersteund door het energetisch gedrum van Philip Wilson; Hemphill en Baikida Carroll spelen op sax en trompet de basismelodie er bovenop. Na een minuut of zo valt Carroll weg en begint Hemphill een betoverende sax solo. Wadud en Wilson blijven doorgaan met hun hypnotiserende basis, af en toe slechts fragmenten spelend van het thema, dat desondanks altijd impliciet aanwezig blijft. Na ongeveer 13 minuten verandert dat en leidt het contrapuntisch samenspel tussen de cello enerzijds en de blazers anderzijds tot een climactisch einde. Het stuk is fenomenaal door zijn eenvoud van vorm en kracht van uitvoering. "Rites", het tweede stuk, begint met sterk samenspel van de vier muziekanten, die dan snel hun eigen weg op gaan zonder focus te verliezen. "Painter", het derde nummer, brengt Hemphill op fluit. Deze CD is een absolute must voor wie van jazz houdt. Ze is jammer genoeg niet meer verkrijgbaar. Tim Berne had ze enkele maanden geleden op zijn website geplaatst (waarvoor onze dank, Tim), maar die is er nu weer van verdwenen.


Onbegrijpelijk dat deze LP niet na 35 jaar nog altijd niet op CD is uitgebracht. Daarom hier de download met dank aan een collega-blogger :
http://quandros.com/blog/dogon_ad.zip

Tuesday, January 2, 2007

Bengt Berger - Bitter Funeral Beer


Deze CD is 25 jaar oud, maar toch meer dan het vermelden waard. Berger, een Zweedse drummer, gebruikt muziekopnamen van Ghanese volksstammen, en dan vooral rouwliederen, als achtergrond voor het meest treurige freejazz album denkbaar. Een mini bigband met stem, saxen, viool, trompet, xylofoon, elektrische gitaar, cello, bas en percussie met Don Cherry op pocket trumpet, brengt één van de meest uitzonderlijke muziekvormen denkbaar. Dit is geen afro-jazz, dit is geen wereldmuziek, dit is een bizarre cocktail van Afrikaanse ritmes, aangevuld met een zeer ongewone bezetting. Sterk ritmisch, bezwerend, repetitief én afwisselend (how about that?). De band is me totaal onbekend (allemaal Zweden), maar doet wat ze moet doen. Cherry is absoluut glorieus. Het laatste nummer op de CD "Darafo", is een 22 minuten durend muzikaal feest, en alleen al de prijs van de aanschaf waard.
PS - Ik heb nadien nog andere CD's van Berger gekocht, maar die zijn niet te vergelijken : niet doen dus.

Monday, January 1, 2007

Top 20 freejazz albums aller tijden

Hier is een uiteraard onvolledige lijst, en naar mijn eigen persoonlijke smaak.

  • Ahmed Abdullah - Song Of The Times
  • Fred Anderson - The Milwaukee Tapes, Vol. 1
  • Bengt Berger - Bitter Funeral Beer
  • Carla Bley - Escalator Over The Hill
  • Roy Campbell - Communion
  • Don Cherry - Complete Communion
  • Don Cherry - Nu - BBC Sessions
  • Ernest Dawkins - Mean Ameen
  • East New York Ensemble De Music - At The Helm
  • Eight Bold Souls - Sideshow
  • Kahil El'Zabar - The Ritual
  • Ethnic Heritage Ensemble - Freedom Jazz Dance
  • The Gift - Live At Sangha
  • Dennis Gonzalez - Nile River Suite
  • Charlie Haden - The Ballad Of The Fallen
  • Julius Hemphill - Dogon A.D.
  • Keith Jarrett - The Survivors' Suite
  • Charles Lloyd - Sangam
  • William Parker - Raining On The Moon
  • Matthew Shipp - Pastoral Composure
  • Wadada Leo Smith - Compassion
  • Spaceways Inc. - Version Soul
  • John Surman/Jack DeJohnette - Invisible Nature

The Gift - Live At Sangha


Ik ben altijd een grote fan geweest van Roy Campbell (trompet, fluit), die in mijn ogen de echte erfgenaam is van Don Cherry. Ik had al zijn schitterende CD's met William Parker en Hamid Drake, maar deze heb ik gekocht zonder te weten waaraan me te kunnen verwachten. Campbell speelt er samen met William Hooker (drums) en Jason Kao Hwan (viool). Op zich al een rare combinatie, maar de CD is één lang stuk zuivere improvisatie, met trage, hectische, intense, treurige passages tussen. Ik heb deze CD tientallen malen als gehypnotiseerd beluisterd. Dit is muziek die tegelijk onnoemelijk open en vrij is, maar tegelijk uitzonderlijk toegankelijk en emotioneel heel sterk : free-jazz op zijn best. Campbell en Hwan cirkelen om elkaar heen, en vullen elkaar sterk aan door de warme akoestische klank van Campbell en de elektronisch vervormde klank van Hwans viool. Hooker volgt dit samenspel prachtig maar roept hen regelmatig ritmisch tot de orde en verandert met enkele slagen de richting van de improvisatie. Deze CD heeft voor mij een nieuwe manier van beluisteren geopend. Het was alsof ik door een deur stapte die mij plots alle free-jazz die ik tot dan toe ontoegankelijk vond, ging doen appreciëren (Joe McPhee en Vinny Golia waren de eersten om bijgesteld te worden). Een must.