Showing posts with label Snelle recensies. Show all posts
Showing posts with label Snelle recensies. Show all posts

Sunday, May 6, 2007

Snelle Recensies

John Abercrombie - The Third Quartet (ECM, 2007)


John Abercrombie is zeer productief de laatste tijd. Hier verenigt hij opnieuw zijn kwartet met Mark Feldman op viool, Marc Johnson op bas en Joey Baron op drums. Zijn elektrische gitaar klinkt rauw en gevoelig, en hij slaagt er als naar gewoonte in om spanning te creëren én variatie te brengen zonder te vervallen in nodeloos geknoei met elektronische vervorming of door veelnotenspelerij. Het eerste nummer "Banshee" begint al knap, met zenuwachtige gitaar en drums, ondersteund door iets rustiger viool en bas. Abercrombie zet hier knappe composities neer en hij blijft de meester van het economisch gitaarspel. Liever minder dan meer en de impact is des te groter. Andere hoogtepunten zijn "Round Trip" en "Elvin", waarin Feldman prachtig soleert.


Scott Colley - Architect Of The Silent Moment (Camjazz, 2007)


Bassist Scott Colley laat zichzelf hier begeleiden door enkele toppers van de moderne jazz : Craig Taborn op piano, Ralph Alessi op trompet, Antonio Sanchez op drums, met dan bovenop nog enkele gasten : Adam Rogers op gitaar en Jason Moran op piano. De CD is ondanks de soms abstracte melodieën relatief toegankelijk. Technisch zeer sterk hoewel ik soms graag wat meer lef had gehoord.


Anat Fort - A Long Story (ECM, 2007)


Een nieuwe stem bij ECM : de piano van Anat Fort. Met Perry Robinson op clarinet, Ed Schuller op bas en Paul Motian op drums. Rustige, typische ECM muziek : knap geproducet, uitstekende geluidskwaliteit, prima muzikanten, maar hebben we dit alles al niet ergens gehoord? Paul Motian is de echte ster van dit album. Voor de liefhebbers van rustiger muziek.


John Lindberg & Karl Berger - Duets 1 (Between The Lines, 2007)


Meesterbassist John Lindberg speelt in duo met meestervibrafonist pianist Karl Berger. Ingetogen en intimistisch wentelen ze om elkaars improvisaties heen. Niets spetterends. Knap, maar niet meer dan dat.

Branford Marsalis Quartet - Braggtown (Marsalis Music, 2007)


Dit kwartet heeft de voorbije jaren al puik werk afgeleverd en nu overtreffen ze zichzelf nogmaals. Braggtown is een album dat meer aandacht waard is dan deze beperkte recensie die ik eraan wijd, maar ja dit is geen mainstream jazz blog, daarom. Al vanaf de eerste tonen van Jack Baker hoor je dat er iets speciaals te gebeuren staat - de vlam in de pijp en die blijft erin tot het eind, ook de rustige stukken zijn intens en houden ononderbroken de aandacht vast. De toon van Marsalis is loepzuiver en zijn spel, zeker in de improvisaties, weergaloos. Toppers zijn het uptempo "Blakzilla" met tegendraadse ritmes en wonderlijk samenspel van de band, met kudo's voor Jeff "Tain" Watts op drums, en het daarop volgende "O Solitude", een trage bluesy ballad waarin Marsalis op sopraansax een melodie uit zijn hoed tovert die bij Bach niet zou misstaan, mooi, mooi, mooi.


Keith Jarret - The Carnegie Hall Concert (ECM, 2007)


Eindelijk nog eens een soloplaat van Keith Jarrett, dat was lang geleden. Hier kan hij vrijuit gaan, ongehinderd, zonder rekening te moeten houden met begeleiders, en wat hij brengt, herinnert ons aan zijn beste stukken uit het verleden.

Hij brengt hier abstracte stukken (part IV), modern klassiek, maar ook bijna "poppy" melodieën (part VII), rustige romantische stukken (part III en VIII), waar zelfs zijn geneuzel in ontbreekt, zelfs My Song brengt hij opnieuw. Ik hoor hem het liefst op de langere stukken, met een repetitief dreunende hypnotische linkerhand, waarbovenop zijn rechter dan de prachtigste improvisaties tovert (part X). Hij spreekt zijn publiek zelfs (onverstaanbaar) toe op het eind, en dat mag op zich al een wonder heten en je moet er wel tegen kunnen dat het applaus integraal op de CD staat, maar dit album is de moeite waard.


For the English version, click HERE

Thursday, April 5, 2007

Snelle Recensies

John Zorn, Mike Patton, Trevor Dunn, Joey Baron - Moonchild


John Zorn zoals ik hem niet graag heb. Of anders gezegd : ik begrijp niets van deze muziek. Inspiratieloos, luid, ... puberaal. Ik maak er normaal een punt van om CD's tot het eind te blijven beluisteren, zelfs al kost dit moeite, inspanning en een pijniging van gehoor en zenuwen. Ik heb het bij deze twee maal geprobeerd, en ik ben mislukt.


William Parker Bass Quartet - Requiem


Dan is William Parker's Requiem een echt avontuur : vier contrabassen en de huilende sax van Charles Gayle. De vier bassen blijven de ganse CD in hetzelfde register rommelende geluiden maken, afgewisseld met wat ijl gestrijk. Hier is geen melodie in te vinden, amper ritme, je kan de verschillende bassen niet van elkaar onderscheiden, ze solo-en niet, ze blijven maar rommelen en strijken, maar het totaaleffect is overrompelend - blijven luisteren. En dan af en toe komt die sax er bovenuit : schreeuwend, huilend, krijsend. Intens blijven luisteren. Dit is droevige muziek. Opgedragen aan de grote overleden bassist Peter Kowald en aan de grote overleden bassist Wilber Morris. Blijven luisteren.


Eric Vloeimans - Gatecrashin'

Eric Vloeimans is een meer dan verdienstelijk trompettist, maar deze CD mist eenheid. Wat is dit nu? Mainstream? Pop? Erik Truffaz? Elektronica? Knappe muzikanten, maar zwakke composities.

Uri Caine & Paolo Fresu - Things


Dan is Things van Uri Caine (piano) en Paolo Fresu (trompet, bugel) echt de moeite waard. Klassiekers en eigen composities. Zeer knap gespeeld. Zeer mainstream. Zeer gevoelig. Voor de rustige avond.

Nik Bärtsch's Ronin - Stoa


Ook deze begint met een interessante piano jazz bezetting, maar de muziek is het omgekeerde van Uri Caine en Fresu : zeer bevreemdend gebrachte muziek, die soms bij jazz aanleunt, maar altijd ritmisch is, melodisch, repetitief bij momenten, maar verrassend, creatief. Een aanrader.


For the English version, click HERE